B A B E S C H Annual Papers on Mediterranean Archaeology
/

abstracts (alfabetisch gerangschikt)

Nederlands-Vlaams Symposium Mediterrane Archeologie

Crises in de MÉditerranÉe
De gevolgen voor het Nederlandse en Vlaamse archeologisch onderzoek

Lidewijde de Jong (Rijksuniversiteit Groningen)
Archeologie in Syrië, Irak en Turkije: crises, bloei en digitale toepassingen

De huidige situatie in de drie landen uit de titel leidden tot zeer verschillende uitdagingen voor archeologisch veldwerk en bedreigingen voor cultureel erfgoed. De burgeroorlog in Syrië heeft niet alleen veldwerk stopgezet, maar ook desastreuze gevolgen gehad voor sites en tentoongesteld materiaal alsmede lokale archeologen tot doelwit gemaakt. Het noorden van Irak (Koerdistan) daarentegen ervaart momenteel een ongekende bloei in archeologisch onderzoek. Stadsuitbreidingen en grootschalige infrastructurele projecten bedreigen hier de archeologie. Politieke spanningen in Turkije tenslotte bedreigen de continuïteit van bestaande projecten en maken archeologie soms het middelpunt van politieke touwtrekkerij. In deze lezing bespreek ik drie nieuwe projecten met Nederlandse inbreng die ontwikkeld zijn als antwoord op deze problemen. Met name het gebruik van digitale methoden biedt nieuwe mogelijkheden voor het behoud van én onderzoek naar archeologisch erfgoed in de regio.

Eric Gubel (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel – Vrije Universiteit Brussel)
Vanessa Boschloos (Universiteit Gent – Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)
Crisis in het archeologisch onderzoek in en over de Centrale Levant? Reflecties uit België

Of we nu hebben over de inventaris van het heropgebouwde Nationaal Museum in Beiroet, over de stressbestendigheid van de archeoloog die in conflictzones in Syrië en Libanon veldwerk verricht, over de invloed van de actuele politieke instabiliteit en de vernieling van erfgoed op de financiering van wetenschappelijk onderzoek, of over de gevolgen hiervan voor het archeologisch onderwijs in de Lage Landen: elk verhaal begint meer dan tien jaar geleden. We werpen een blik op de impact van de precaire Levantijnse situatie op het huidig archeologisch onderzoek in Vlaanderen en Brussel. De geleverde inspanningen bieden immers nog toekomstperspectieven.

Sadı Maréchal (Universiteit Gent)
Werelderfgoed onder vuur. Bescherming van archeologische sites in Libië en Tunesië

Ondanks de onheilspellende berichtgevingen over plundering en vernietiging van archeologische sites, kan er ook een positief verhaal worden gebracht over lokale initiatieven die het Libische en Tunesische erfgoed beschermen. Met vaak beperkte middelen slagen de lokale autoriteiten erin om noodzakelijke restauraties uit te voeren en de sites te beveiligen. Vanwege de moeilijke en vaak gevaarlijke situatie ter plaatse, opteren buitenlandse instellingen steeds vaker om Tunesische en Libische vrijwilligers een basisopleiding restauratie en inventarisatie te bieden. Deze lezing brengt enkele van deze initiatieven in beeld en blikt vooruit op de toekomst van (buitenlandse) opgravingen in deze regio’s.

Kees Neeft (Universiteit van Amsterdam)
Corintisch aardewerk uit het Thesmophoreion van Piazza S. Francesco te Catania

De import van Corinthisch aardewerk in het Thesmophoreion te Catania begon tijdens de overgang van Vroeg- naar Midden-Corinthisch, 600-590 v.C. Hetzelfde verschijnsel kan waargenomen worden bij andere Thesmophoreia in Sicilië, Zuid-Italië, en (grosso modo) Noord-Afrika. De locatie van deze Thesmophoreia vertoont grote overeenkomst en kan met behulp van FHGr 390F teruggevoerd worden op de offers die kolonisten bij aankomst brachten aan de ‘daimones’ van de plek. Omstreeks 560 v.C. verschuift het votief-gebruik, maar op een manier die per plek verschilt.
De bewerking van het materiaal brengt de spreker tot enige bespiegelingen over archeologisch onderzoek door buitenlanders in de Méditerranée.

Olivier Nieuwenhuyse (Universiteit Leiden)
Khaled Hiatlih (Oxford Institute of Digital Archaeology)
De toekomst van Upper Mesopotamian archaeology

Tot het begin van de Syrische burgeroorlog waren Nederlandse en Vlaamse archeologen buitengewoon actief in noord-Syrië. De archeologie van Upper Mesopotamia behoorde tot 2011 tot de meest dynamische ter wereld. Inmiddels lijkt het vakgebied nagenoeg tot stilstand gekomen. Archeologisch en historisch erfgoed wordt op ongekende schaal vernietigd of beschadigd als symptoom van de ergste humanitaire crisis van onze generatie.
Wat kunnen archeologen doen om belangrijke informatie voor toekomstig onderzoek te behouden? Hoe bereiden we ons voor op de post-conflict situatie? Is er eigenlijk wel een toekomst voor Upper Mesopotamian archaeology? De strekking van deze bijdrage: jazeker. Academische instituten in Nederland (en overige Europese landen) hebben unieke, krachtige middelen om het verlies aan informatie en de teloorgang van academische expertise tegen te gaan.

Tanja van der Zon (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)
Samenwerken in tijden van crises Tunesië

In 2014 heeft het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden in samenwerking met het Musée national du Bardo en het Musée de Carthage, beide in Tunis, de succesvolle tentoonstelling “Karthago” gerealiseerd. Dit geschiedde onder de supervisie van het INP, het Institut National du Patrimoine, het overkoepelende erfgoed instituut van Tunesië.
Jongstleden, op 22 maart 2017, opende in het Musée national du Bardo - twee jaar na de aanslag op dit museum - een tentoonstelling over Jean Emile Humbert, de Nederlander die in de 19e eeuw de resten van het Punische Karthago in Tunis ontdekte. Ook deze tentoonstelling is samengesteld in nauwe samenwerking met Tunesische collega’s.
Hoe gaat het met de samenwerking? En wat zijn de toekomstplannen?

Willem van Haarlem (Allard Pierson Museum, Amsterdam)
Recente problematiek rond archeologische onderzoeksactiviteiten in Egypte

In de laatste jaren stuit archeologisch onderzoek, of het nu veldwerk of onderzoek in musea betreft, op steeds meer hindernissen in Egypte. De bureaucratische procedures vergen steeds meer tijd en moeite, en toegenomen veiligheidsproblemen compliceren het geheel nog eens. Het lijkt erop dat dat alleen maar lastiger gaat worden, wat de toekomst van buitenlands archeologisch onderzoek in zijn geheel in de waagschaal kan gaan stellen. Concrete ervaringen hiermee komen dan ook uitvoerig aan de orde.

Terug naar het programma